We weten inmiddels dat mensen die van de smaak ‘scherp’ houden met de vlakke hand, of met een sandaal, corrigerende tikken tegen hun rechterwang verdienen. Scherp is geen smaak. Scherp is een bewuste kwelling van de tong en, in een overgroot deel van de gevallen, ook een ander deel van je lichaam. Maar dan een dag later.

Sambal is het toppunt van onzin. Gestampte Spaanse pepers. Dat kan alleen maar narigheid opleveren. Het is een geconcentreerde substantie waar veel mannen hun mannelijkheid aan denken te ontlenen. Maar sambal heeft hetzelfde effect als gewichtheffen en een stropdas dragen: het lijkt misschien heel stoer, maar je krijgt er een rood hoofd van en je gaat er enorm van zweten.

Nu stormde het gisteren hevig en zodoende durfde ik natuurlijk niet naar buiten. Er werd mij geadviseerd het bos te mijden, en ik woon niet alleen in Bos maar ook nog eens in Lommer. Dus ik bleef thuis. Netflix aan en het beste er van maken.

Ja, en toen was ik wat betreft dieet aangewezen op dat wat er in huis was. En dat was niet veel. Ja, water. En havermout met eiwitpoeder.

En augurkenplakjes met sambal. Ik kon er ook niets aan doen. Ik ben een opgeruimd persoon.

Het potje sambal in mijn koelkast was van restaurant Blauw. Dat kwam uit een goodiebag die ik ooit ergens had gekregen en stond uiteraard langzaam te verpieteren. Te wachten tot het 2023 was en ik maar eens de houdbaarheidsdata ging bekijken.

Met gepaste tegenzin smeerde ik de sambal, in een staat die het meest lijkt op een ongelukkige combinatie van verstandsverbijstering en hopeloosheid, zorgvuldig op een dertiental plakjes augurk. Ja, mijn acute bronto- en agorafobie (Google dat maar even) zorgden er voor dat ik de meest idiote voedselkeuze ooit maakte.

Maar het was intens. De sambal van Blauw is een smaaksensatie die met niets te vergelijken is. Het lijkt nog het meest op dat gevoel wanneer je op een zonnige zomerochtend de eerste zonnestralen op je huid voelt, terwijl herderinnetjes vlechtjes met madeliefjes in je haar draaien en er even verderop een kind struikelt en intens moet janken. Het meest fijne moment ooit was toen ik de augurk met sambal kennis liet maken met de door mijzelf zwaar onderschatte smaakpapillen. Het was liefde op het eerste speekselcontact.

Dat potje sambal lepelde ik vervolgens helemaal leeg. En daarna—ik schaam me er net als die man die ooit naast mij in business class het potje abrikozenjam leeg zat te vingeren niet voor—bleef er geen restje sambal meer over.

De eerste zomerstorm sinds honderd jaar werd voor mij het allergrootste feest. Ooit.

Ik wil trouwen met de sambal van Blauw, m’n hete zomerliefde.

Maar scherp is nog steeds geen smaak.

1 Comment Mijn hete zomerliefde

Comments are closed.